Column Lowie

Column

Ik weet nog dat Georgie in de herfst van 1965 werd geboren. Het dorp sprak er schande van. Hij was de zoon van mijn tienertante en een Indonesische jongen uit Eersel. Dat was me nog eens een dingetje in het brave Hapert. En dan te bedenken dat de pastoor toch al de handen vol had aan Dancing De Kuil waar Wally Tax de meisjes het hoofd op hol joeg.

Georgie was nog geen 4 jaar oud toen zijn jonge vader overleed. Ondanks de toch al bijzondere samenstelling van mijn gezin waar behalve ik ook mijn opa, oma, vader, moeder, zus, twee tantes, een oom en een suikeroom deel van uitmaakten, werd besloten dat mijn tante en haar kind moesten worden opgevangen.
Ik heb me altijd erg verwant gevoeld met mijn opa Staf en mijn neef Georgie. Waarschijnlijk omdat we alle drie nogal eens buiten de lijntjes kleurden. Regelmatig sprak mijn moeder dan de gevleugelde woorden: 'jullie engelbewaarders kunnen het op een gegeven moment niet meer bijbenen jongens.'

Georgie leefde voor twee en er gebeurde altijd wel iets spannends als je bij hem in de buurt was. Soms op het randje en ook soms er net overheen. Maar de lieve kwajongen die in zijn enthousiasme de afmeting van zijn eigen speelveldje wel eens overschatte, stond altijd voor iedereen klaar.

Twee weken geleden moet zijn engelbewaarder hem even uit het oog zijn verloren. Vorige week woensdag was er in het gemeenschapshuis in Hapert een bijeenkomst waar familie en vrienden afscheid van Georgie namen. Geen 'over de doden niets dan goeds-verhaaltjes', maar niets verhullende foto's en oprechte verhalen van mensen die hem lief waren.

Hij ligt begraven bij zijn veel te vroeg overleden vader op het kerkhof in Hapert. Ik geloof niet in leven na de dood. Maar mocht ik ongelijk hebben dan durf ik er vergif op in te nemen dat opa Staf, die er ook al enkele jaren ligt, blij is dat hij samen met zijn maatje de saaie boel daar eens wat kan opvrolijken.

Meer berichten