Jelle Reijngoudt

'De huisarts kan niks meer voor mij betekenen'

Jelle Reijngoudt, wijkverpleegkundige bij RSZK, thuiszorgteam Bladel-Oost.
Jelle Reijngoudt, wijkverpleegkundige bij RSZK, thuiszorgteam Bladel-Oost. (Foto: )

Jelle Reijngoudt, 24 jaar, is werkzaam als wijkverpleegkundige bij RSZK ZorgProfessionals, thuiszorgteam Bladel-Oost. Maandelijks deelt hij met ons een verhaal uit de wijk. Een kijkje in het leven van de lokale zorg. Meer lezen? Via zijn website deelt hij wekelijks een verhaal: www.jellereijngoudt.com

Bladel - Ik loop de trap op. De deur van het appartement staat al op een kier en ik ga naar binnen. Als ik in de gang loop, hoor ik gesnik vanuit de woonkamer. Ik loop door en ik zie dat de oude man aan tafel zit. Hij vertelt dat ik vandaag het enige bezoek ben dat hij zal krijgen. Zijn kinderen wonen ver weg, zijn vrouw is een jaar of vijf geleden overleden. Sindsdien voelt hij zich eenzaam. Twee keer per week probeert hij te gaan eten bij het buurthuis. Echter lukt het hem niet vaak om zich hier ook daadwerkelijk toe te zetten. "Ik ben gestopt met mijn medicijnen, ze helpen niet", zegt hij. Als ik controleer om welke medicatie het gaat, blijkt het te gaan om antidepressiva die hij al ruim twintig jaar slikt. "Dan ga ik dat eens met uw huisarts overleggen, als u dat goed vindt", zeg ik. Het abrupt stoppen van een antidepressivum zonder begeleiding van een arts, kan ervoor zorgen dat de symptomen van de depressie weer naar de voorgrond treden. Als ik hem dit uitleg, blijkt dat hij dit niet wist. Ik vraag hem of hij ooit bij een psycholoog is geweest, omdat de gesprekken met mij naar mijn inzicht onvoldoende zijn voor hem. "De huisarts zegt dat een hij of een psycholoog niks meer voor mij kunnen betekenen", zegt hij.

Via de huisarts vraag ik een verwijzing naar de specialist ouderengeneeskunde, een arts gespecialiseerd in ouderenproblematiek, en naar een ouderenpsycholoog. Omdat beide disciplines binnen onze organisatie vertegenwoordigd zijn, leg ik ook snel een lijntje met beide specialisten. Er worden gesprekken met de man gepland, de medicatie wordt aangepast, en er lijkt verbetering op te treden in de situatie.

De ervaren eenzaamheid probeer ik te verminderen door hem uitleg te geven over de vicieuze cirkel waarin hij zich bevindt: door de depressie wil hij niet naar buiten, hierdoor wordt de depressie sterker. Ik motiveer hem om meer naar zijn buren te gaan, die hem regelmatig uitnodigen voor een kopje koffie. Daarnaast motiveer ik hem meer steun te zoeken bij zijn kinderen en regelmatiger naar het buurthuis te gaan.

Maanden later is de situatie gestabiliseerd; de depressie is stabiel op de achtergrond aanwezig en de eenzaamheid is verminderd. Hij is er nog niet, maar hij is op de goede weg. Hij voelt zich beter.

Meer berichten




Shopbox