Column Lowie

Bommen en schadeclaims

Foto: Foto:

Hoewel Ank Bijleveld, onze minister van Defensie, eerder suggereerde dat Mark Rutte wel degelijk wist van de burgerdoden bij het Nederlands bombardement in Irak in 2015 kan onze premier er zich niet veel meer van herinneren.
Letterlijk zei hij: 'Er staat mij niets meer van bij.' Een politiek antwoord waar hij mee weg hoopt te komen.
Hoewel het straks ook anders voor hem kan uitpakken - zijn positie van premier zou zelfs in gevaar kunnen komen - denk ik eerlijk gezegd dat het allemaal wel weer zal uitlopen op een potje doofpot-politiek. Het zal wel.

Waar ik wel het zuur van krijg is de claim die een aantal nabestaanden van de Iraakse slachtoffers bij de Nederlandse overheid hebben neergelegd. Zij willen namelijk financieel gecompenseerd worden voor hun verlies. Ook al was het zogenaamd 'friendly fire'.

Toen ik dat las moest ik meteen denken aan de nabestaanden van de negentien Zeelstenaren die op 17 september 1944, twee dagen voor de bevrijding, omkwamen tijdens een geallieerd bombardement. In een poging de weg vrij te maken voor grondtroepen in het kader van Market Garden werden de huizen en boerderijen van de slachtoffers door de geallieerden aangezien voor Duits afweergeschut. Met onmenselijk leed als gevolg. Twee dagen na het bombardement werd Zeelst bevrijd. Erg dubbel en vooral wrang omdat het slachtoffers waren van een geallieerd bombardement. In de jaren daarna werd het verdriet vaak weggestopt en er werd nauwelijks over gesproken.

Pas zeventig jaar later in 2014 kregen de slachtoffers een monument op het Meiveld in Veldhoven. De namen van de negentien slachtoffers zijn weergegeven op een plaquette.
Natuurlijk is het niet voor te stellen wat het betekent als je je geliefde verliest als gevolg van een bombardement. Maar ik denk niet dat er ook maar een nabestaande van de Zeelstse slachtoffers het ooit in zijn hoofd heeft gehaald om een schadeclaim neer te leggen bij de geallieerden.

Meer berichten